| Identiteit |
|
|
Een school heeft een maatschappelijke opdracht. Deze is vastgelegd in de wetgeving van de overheid. Een school met een identiteit heeft daarnaast nog een opdracht vanuit een beginsel. Dit beginsel ligt voor ons vast in het Woord van God, de Bijbel. Vanuit dit beginsel proberen we inhoud te geven aan de maatschappelijke opdracht. Om het doel van opvoeding en onderwijs te omschrijven kunnen we niet heen om vragen rond het mens-zijn. De visie op het mens-zijn bepaalt in sterke mate het doel van opvoeding en onderwijs. Hierbij willen we Gods Woord laten spreken als het enige richtsnoer. In Zijn Woord tekent de Heere hoe het leven van Zijn schepselen behoort te zijn, hoe dit leven van hen in werkelijkheid is en ook hoe dit kan veranderen in een leven tot Zijn eer. In de Bijbel lezen we hoe de Heere God de mens schiep. Aan het eind van het scheppingsverhaal als de mens geschapen is, wordt het scheppingsverhaal afgesloten met de woorden: “En ziet het was zeer goed”. Dit vraagt een ingrijpende verandering van de mens. De Bijbel tekent ons eerlijk, dat ieder kind in zonden ontvangen en geboren is en dat het daardoor van God is gescheiden. Diezelfde Bijbel schetst in bewogenheid het werk van de Zaligmaker om door Hem weer met God verenigd te worden. Het realiseren van die verandering lukt nooit door onze eigen kracht. Het is een werk van God dat in de harten van onze kinderen nodig is en waarvan de Bijbel getuigt dat Hij dit ook wil werken. Daarvoor wil de Heere opvoeding en onderwijs als middelen gebruiken om het geloof in de enige Zaligmaker in het hart te werken door wedergeboorte, door bekering. |





alle mensen schuldig staan tegenover God. Zij voldoen niet meer aan het doel waarvoor ze geschapen zijn; ze leven ten diepste uit zichzelf een leven zonder God. Bij de doop van kinderen in de kerk wordt zo indringend gezegd: “Wij zijn met onze kinderen in zonden ontvangen en geboren en daarom kinderen des toorns, zodat we in het Rijk van God niet kunnen komen, tenzij wij van nieuws geboren worden.”